Rijksinstituut voor Volksgezondheid en Milieu (RIVM)
Kosten van Ziekten

Kosten van Ziekten in Nederland 2007

Website over de kosten van de Nederlandse gezondheidszorg

In 2005 werd in Nederland 68,5 miljard euro aan de gezondheidszorg uitgegeven, hetgeen overeenkomt met ongeveer 13,5% van het bruto binnenlands product. Per inwoner gaat het om een bedrag van 4.200 euro. Op deze website vindt u informatie over hoe deze zorgkosten samenhangen met kenmerken als ziekte, leeftijd en geslacht, het aanbod van zorg (sectoren en zorgfuncties) en de financiering van de zorg.

Toelichting

Cost of Illness in the Netherlands

According to the System of Health Accounts of the OECD, the Netherlands spent 47.7 billion euro on health care in 2005 , which is equivalent to 9.4% of the Gross National Product or on average 2,900 euro per inhabitant. According to Dutch national estimates the amount spent on healthcare was much higher: about 68.5 billion euro. The study 'Cost of Illness in the Netherlands 2005' explains among other things why national and international estimates differ so much for the Netherlands.

The main goal of our study is to determine the demands on health care resources caused by disease, age and gender and to demonstrate the importance of the perspective on health expenditure (national versus international). We report our results in six dimensions: health care provider, health care function, source of finance, age, gender and disease.

On this moment one report of the study is published in English:

The other reports are published in Dutch. However we do provide an English summary in our Dutch reports, which can be downloaded:

Available august 2008:

This site has been funded by:

logo VWS

It also possible to query and download our data in full detail. The perspective used on this interactive site is the System of Health Accounts of the OECD. For more information on querying: How to create a table or graph? :

Create tables/graphs.

More information about the methodology used in the Dutch cost of illness study can be found in our draftt guidelines for conducting a COI study. These are based on our 2003 COI study and have been commisioned by the OECD:

A product of the center for Public Health Forecasting of the National Institute for Public Health and the Environment (RIVM)in collaboration with.:

erasmusMC

<br>

logo_cbs

</div>

<style type="text/css">.textImageFrame { color: #000000; font-size: 100%; background-color: #FFFFFF; border: 0px }</style>

Kosten van Ziekten in Nederland 2007
Toelichting

Hoe zijn zorgkosten afgebakend?


Binnen de beschrijvingen op de website 'kosten van ziekten' worden de Zorgrekeningen van het CBS als afbakening van de kosten genomen. Enerzijds omdat dit een zeer brede definitie van zorg is, waaruit andere definities makkelijk kunnen worden afgeleid, anderzijds omdat het een stabiele definitie is, wat kostenvergelijkingen tussen verschillende jaren mogelijk maakt. Naast de zorgrekeningen zijn er echter andere perspectieven op zorgkosten mogelijk. In dit document wordt nader op de voors en tegens van de perspectieven ingegaan.


Drie perspectieven op zorgkosten

Over de uitgaven aan zorg zijn verschillende cijfers in omloop. Welk cijfer wordt gepresenteerd hangt namelijk af van het perspectief waaruit de zorgkosten worden belicht. Staat volledigheid centraal? Wordt vergelijkbaarheid met andere landen beoogd? Of gaat het om de zorguitgaven waarvoor de minister verantwoording aflegt aan de Tweede Kamer?

Voor Nederland zijn drie perspectieven relevant die in de studie Kosten van Ziekten in Nederland 2005 naast elkaar worden gehanteerd, namelijk de Zorgrekeningen (ZR), het Budgettair Kader Zorg (BKZ) en het System of Health Accounts (SHA). Alle zorgkosten, of het nu gaat om de kosten naar diagnose, sector of leeftijd, kunnen vanuit deze perspectieven in beeld worden gebracht. Wat houden deze perspectieven in en om welke kostenbedragen ging het in 2005?

Naar boven


Zorgrekeningen: € 68,5 miljard

De Zorgrekeningen van het CBS beogen een volledig, samenhangend en consistent beeld te geven van de zorguitgaven. Het gaat om een brede definitie van zorg waartoe ook belangrijke delen van de welzijnszorg worden gerekend, inclusief kinderopvang Centraal in de Zorgrekeningen staan zogeheten actoren, dat zijn (groepen van) zelfstandige organisatorische eenheden, zowel vrije beroepsbeoefenaren als instellingen, die activiteiten uitoefenen op het terrein van de zorg. De uitgaven worden per actor berekend op basis van de totale omzet van alle activiteiten ongeacht of deze binnen of buiten het wettelijk vastgestelde verstrekkingenpakket vallen. De uitgaven aan apotheken omvatten dus ook de omzet van zelfzorggeneesmiddelen en andere producten die over de toonbank gaan, maar weer niet de kosten van geneesmiddelen die afgezet worden door apotheekhoudende huisartsen. Die vallen onder de actor huisartsen.

De Zorgrekeningen hebben als belangrijk voordeel dat de tijdreeksen consistent zijn. Vergelijkingen tussen verschillende jaren worden niet gehinderd door verschillen in de afbakening van het terrein en de definities van actoren en kosten. Voor analyse van de kostenontwikkeling bieden de Zorgrekeningen tevens een uitsplitsing naar een prijs- en volumecomponent. Een ander voordeel is dat vanuit de Zorgrekeningen een eenduidige aansluiting op de internationaal gangbare definitie van het System of Health Accounts (SHA) kan worden gemaakt.

Voor deze studie hebben wij gebruik gemaakt van de cijfers overeenkomstig de CBS publicatie gezondheid en zorg in cijfers( Van Hilten & Mares, 2007.) Ten opzichte van eerdere CBS-publicaties is het terrein van de Zorgrekeningen met name voor welzijn fors uitgebreid, ondermeer met de kosten van de WVG, de jeugdzorg en de asielopvang. Een groot deel van deze uitbreiding betreft niet-ziektegerelateerde kosten. Andere aanpassingen zijn het volledig meetellen in de Zorgrekeningen van de budgetten van een aantal grote onderzoeksinstituten (RIVM,NVI en VWA). Deze aanpassingen zijn door CBS met terugwerkende kracht verwerkt in de zorgrekeningen. Het terrein van de bedrijfsgezondheidszorg binnen de Zorgrekeningen is uitgebreid met reïntegratiebedrijven.

In mei 2008 heeft het CBS een herziening van de ziekenhuiskosten over 2005-2007 doorgevoerd, welke niet meer in de Kosten van Ziektenstudie 2005 verwerkt kon worden. Deze herziening was nodig omdat besloten is de effecten van overfinanciering van ziekenhuiszorg welke samenhangen met invoering van de DBC-bekostiging in 2005 alsnog buiten beschouwing te (Persbericht CBS, 16 mei 2008) Een meer uitgebreide toelichting op de systematiek van de Zorgrekeningen is te vinden in de working paper zorgrekeningen 1998-2004 (Smit et al., 2006.).

Naar boven


Budgettair Kader Zorg: € 46,5 miljard

Het Ministerie van VWS bakent de zorgkosten af in termen van ministeriële verantwoordelijkheid. Centraal daarin staan begrotingsgefinancierde uitgaven, bijvoorbeeld op het terrein van de programmatische preventie, en het Budgettair Kader Zorg (BKZ) dat de zorg omvat die uit collectieve premies wordt gefinancierd. Daarbuiten vallen bijvoorbeeld de kosten van gemeentelijke gezondheidsdiensten, arbo-diensten en praktijken voor alternatieve gezondheidszorg. Wanneer in beleidsdocumenten over zorguitgaven wordt gesproken wordt vrijwel altijd het BKZ bedoeld. Het gaat dan in hoofdlijnen om de Zorgverzekeringswet en de AWBZ. Aanvullende verzekeringen worden niet tot het BKZ gerekend, evenmin als andere inkomsten van zorgaanbieders. In de KVZ-studie hanteren we het zogeheten 'bruto BKZ', dit is het BKZ inclusief de kosten voor gebruikers van zorg van wettelijk verplichte eigen bijdragen.

In samenhang met de beleidsmatige achtergrond en de functie in de parlementaire besluitvorming en verantwoording kan de definitie van het BKZ van jaar op jaar in meer of mindere mate verschillen. Zo zijn in 2004 de mondzorg voor volwassenen en de fysiotherapie grotendeels uit het BKZ gehaald. Dat wil niet zeggen dat de kosten niet meer gemaakt worden, ze worden echter anders gefinancierd - buiten het BKZ om, bijvoorbeeld via aanvullende verzekeringen. Voor analyses van de kostenontwikkeling op is het BKZ daarom minder geschikt. Tevens is er daardoor geen vaste relatie met de Zorgrekeningen. Mede ten behoeve van deze studie heeft het CBS een eenduidige aansluiting gemaakt tussen Zorgrekeningen en het BKZ voor de peiljaren 2005, uitgaande van de realisatiecijfers volgens de jaarverslagen 2004 en 2006 van het ministerie van VWS.

Naar boven


System of Health Accounts: € 47,7 miljard

De OECD verzamelt ten behoeve van internationale vergelijkingen gegevens over gezondheid en zorg in haar lidstaten. Deze worden ingedeeld volgens het System of Health Accounts (SHA) dat uitgaat van zorgfuncties.(OECD, 2000a) Deze functies beperken zich tot alles wat met genezing en verpleging te maken heeft. Verzorging wordt door de OECD niet tot het terrein van de gezondheidszorg gerekend. Dit betekent dat het merendeel van de kosten van de Nederlandse gehandicaptenzorg, verzorgingshuizen en thuiszorg niet wordt meegeteld in de OECD-cijfers. Anders dan het BKZ omvat het SHA wel de kosten van onder andere de openbare gezondheidszorg, tandheelkundige zorg voor volwassenen, arbo-diensten en alternatieve geneeswijzen. Maar voor niet-zorg activiteiten, zoals onderwijs in academische ziekenhuizen en andere inkomsten van zorgaanbieders, hanteert de SHA weer wel hetzelfde uitgangspunt als het BKZ, namelijk dat deze kosten niet tot de zorguitgaven worden gerekend

Naar boven


Drie soorten verschillen

Bovengenoemde perspectieven verschillen op drie manieren van elkaar. Wanneer zorgvoorzieningen vanuit het ene perspectief wel worden meegeteld maar vanuit een ander perspectief niet, zoals de GGD-en of de verzorgingshuizen, spreken we over terreinverschillen. Daarnaast zijn er ook definitieverschillen en allocatieverschillen. Bij een definitieverschil is er wel overeenstemming dat een bepaalde voorziening moet worden meegeteld, maar verschilt de mening over de hoogte van het bedrag. Zo worden in de Zorgrekeningen alle inkomsten van een actor meegeteld, dus bijvoorbeeld ook de onderwijsbijdrage die academische ziekenhuizen van het Ministerie van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap ontvangen, terwijl het BKZ alleen naar het wettelijk budget kijkt. Bij een allocatieverschil verschilt alleen het inzicht waar de betreffende kosten geboekt moeten worden. Het bekendste voorbeeld betreft de uitgaven aan geneesmiddelen bij apotheekhoudende huisartsen. Deze kunnen als farmaceutische hulp worden verantwoord (BKZ), maar ook als omzet van huisartsen worden geboekt (ZR).

Naar boven

Kosten naar sector
Toelichting

Hoe zijn de sectoren samengesteld?

Openbare gezondheidszorg en preventieEerstelijnszorgZiekenhuiszorg en medisch specialistische zorgOuderenzorgGehandicaptenzorgGeestelijke gezondheidszorgGenees- en hulpmiddelen, lichaamsmaterialenAmbulancezorg en vervoerOverige zorgaanbiedersBeheerWelzijnszorg

De indeling in sectoren is gebaseerd op de Zorgrekeningen van het CBS. De zorgrekeningen delen de zorgsector in in 98 zogeheten actoren. Deze actoren zijn door het CBS gedefinieerd als '(groepen van) zelfstandige organisatorische eenheden die activiteiten uitoefenen op het terrein van de zorg, zoals ziekenhuizen, huisartsen, verpleeghuizen en thuiszorginstellingen'. De actor-benamingen zijn voor 81 actoren overgenomen uit de Working paper Zorgrekeningen 1998-2004 (Smit et al., 2005). In 2007 heeft het CBS het aantal actoren met 17 uitgebreid, ter opvulling van de zogeheten witte vlekken in de Zorgrekeningen: een groep van vooral welzijnsuitgaven die nog niet waren opgenomen in de zorgrekeningen. Deze aanvulling is met terugwerkende kracht vanaf 1998 doorgevoerd. De benaming voor deze nieuwe actoren is overgenomen van een door CBS aan RIVM verstrekte beschrijving van deze uitbreiding. Een summiere beschrijving van de nieuwe actoren is opgenomen in hoofdstuk 7 van Gezondheid en zorg in cijfers (Centraal Bureau voor de Statistiek, 2007). Iedere sector binnen de Kosten van Ziektenstudie is samengesteld uit één of meer actoren. Een actor is altijd maar in één sector opgenomen. De kosten van een sector zijn dus altijd gelijk aan de som van de kosten van de actoren in die sector. In sommige sectoren is nog een verdeling in subsectoren gemaakt.

Hieronder volgt een beschrijving van de sectoren en hun actoren beschreven volgens de Zorgrekeningen van het CBS:


Openbare gezondheidszorg en preventie

De sector openbare gezondheidszorg en preventie is samengesteld uit acht actoren. Deze zijn over drie subsectoren verdeeld.

Gemeentelijke gezondheidsdiensten

  • Gemeentelijke gezondheidsdiensten

Bevolkingsonderzoeken

  • Instellingen voor baarmoederhalskankeronderzoek
  • Instellingen voor borstkankeronderzoek

Overige openbare gezondheidszorg

  • Bureau's voor sexueel overdraagbare aandoeningen
  • Centra voor erfelijkheid
  • Nederlands Vaccin Instituut (NVI)
  • Rijksinstituut voor Volksgezondheid en Milieu (RIVM)
  • Voedsel- en Waren Autoriteit (VWA)

Naar boven


Eerstelijnszorg

De sector eerstelijnszorg is samengesteld uit zestien actoren. Deze zijn over vijf subsectoren verdeeld.

Huisartsenzorg

  • Gezondheidscentra
  • Huisartsenlaboratoria
  • Huisartsenpraktijken

Mondzorg

  • Mondhygiënistenpraktijken
  • Tandartsen
  • Tandtechnische werkplaatsen

Verloskundigenpraktijken

  • Verloskundigenpraktijken

Fysiotherapie

  • Fysiotherapeutenpraktijken

Overige eerstelijnszorg

  • Cesarpraktijken
  • Diëtistenpraktijken
  • Ergotherapeutenpraktijken
  • Logopedistenpraktijken
  • Mensendieckpraktijken
  • Podotherapeutenpraktijken
  • Praktijken van psychologen
  • Sportmedische adviescentra

Naar boven


Ziekenhuiszorg en medisch specialistische zorg

De sector ziekenhuiszorg en medisch specialistische zorg is samengesteld uit elf actoren. Er is geen indeling in subsectoren.

  • Academische ziekenhuizen
  • Algemene ziekenhuizen
  • Asthmakliniek Davos
  • Categorale ziekenhuizen
  • Gevangenis ziekenhuizen
  • Kaakchirurgen
  • Medisch specialistenpraktijken
  • Medische laboratoria
  • Oncologische en radiotherapeutische instituten
  • Orthodontisten
  • Zelfstandige trombosediensten

Naar boven


Ouderenzorg

De sector ouderenzorg is samengesteld uit vijf actoren. Er is geen indeling in subsectoren.

  • Gezinshuishoudingen verpleging en verzorging
  • Thuiszorginstellingen
  • Verpleeghuizen
  • Verpleegkundigenpraktijken
  • Verzorgingshuizen

Naar boven


Gehandicaptenzorg

De sector gehandicaptenzorg is samengesteld uit vijf actoren. Er is geen indeling in subsectoren.

  • Doventolken
  • Gezinshuishoudingen gehandicapten
  • Instellingen geïntegreerde gehandicaptenzorg
  • Instituten voor blindengeleidehonden
  • MEE-organisaties

Naar boven


Geestelijke gezondheidszorg

De sector geestelijke gezondheidszorg is samengesteld uit drie actoren. Er is geen indeling in subsectoren.

  • Instellingen geïntegreerde geestelijke gezondheidszorg
  • Vrijgevestigde psychiaters
  • Vrijgevestigde psychotherapeuten

Naar boven


Genees- en hulpmiddelen, lichaamsmaterialen

De sector genees- en hulpmiddelen, lichaamsmaterialen is samengesteld uit tien actoren. Deze zijn over vier subsectoren verdeeld.

Geneesmiddelen

  • Leveranciers geneesmiddelen

Hulpmiddelen

  • Apotheken hulpmiddelen
  • Medische speciaalzaken
  • Orthopedisch schoenmakers
  • Overige fabrikanten hulpmiddelen

Brillen,lenzen, gehoorapparaten

  • Audiciëns
  • Audiologische centra
  • Opticiëns

Lichaamsmaterialen

  • Bloedbanken
  • Eurotransplant

Naar boven


Ambulancezorg en vervoer

De sector ambulancezorg en vervoer is samengesteld uit zes actoren. Deze zijn over twee subsectoren verdeeld.

Ambulancezorg

  • Ambulancediensten
  • CPA-en (onafhankelijk)
  • CPA-en (samenwerkend)
  • GGD-ambulancediensten

Vervoer

  • Gezinshuishoudingen ziekenvervoer
  • Taxibedrijven

Naar boven


Overige zorgaanbieders

De sector overige zorgaanbieders is samengesteld uit negen actoren. Deze zijn over twee subsectoren verdeeld

Bedrijfsgezondheidszorg en arbo-diensten

  • ARBO-diensten (adviesdiensten)
  • ARBO-diensten (intern)
  • ARBO-diensten (zelfstandig)
  • Reïntegratiebedrijven

Andere aanbieders van zorg

  • Abortusklinieken
  • Medische diensten defensiepersoneel
  • Praktijken voor alternatieve gezondheidszorg
  • Privéklinieken
  • Zorgaanbieders in het buitenland

Naar boven


Beheer

De sector beheer is samengesteld uit vijf actoren. Er is geen indeling in subsectoren.

  • Beheerscolleges algemeen
  • Beheersorganisaties AWBZ
  • Beheersorganisaties overheid
  • Beheersorganisaties particuliere verzekering
  • Beheersorganisaties ziekenfondswet

Naar boven


Welzijnszorg

De sector welzijnszorg is samengesteld uit negentien actoren. Deze zijn over vijf subsectoren verdeeld.

Kinderopvang

  • Gezinshuishoudingen kinderopvang
  • Kinderopvangcentra

Jeugdzorg

  • Instellingen voor jeugdzorg

Maatschappelijke opvang

  • Asielzoekerscentra
  • Instellingen voor algemeen maatschappelijk werk
  • Instellingen voor specifiek maatschappelijk werk
  • Medische kindertehuizen
  • Medische kleuterdagverblijven
  • Opvanghuizen

Maatschappelijke ondersteuning

  • Wet voorzieningen gehandicapten

Overig welzijn

  • Adviesorganen school- en beroepskeuze
  • Brede welzijnsinstellingen
  • Exploitatie van wijkcentra en jeugdgebouwen
  • Instellingen voor sociaal cultureel werk
  • Instellingen voor welzijn ouderen
  • Overige instellingen voor maatschappelijk advies en informatie
  • Overige internaten
  • Overkoepelende organen + samenwerkings- en adviesorganen + fondsen
  • Zelfhulpgroepen + patiëntenverenigingen en ouderverenigingen

Naar boven

Kosten van Ziekten in Nederland 2005
Toelichting

Hoe zijn de diagnosegroepen samengesteld?

Leidraad bij de indeling in diagnosegroepen is de International Classification of Diseases (ICD) van de WHO (WHO, 1977 ).Wij gebruiken ICDversie 9 omdat deze nog veel gebruikt wordt in de Nederlandse zorgregistraties, met name in de ziekenhuizen. We onderscheiden achttien hoofddiagnosegroepen, verdeeld in één of meer subdiagnosegroepen. Kosten zijn steeds zo specifiek mogelijk per diagnose- of subdiagnosegroep toegewezen. Indien wel bekend is bij welke hoofddiagnosegroep de kosten horen, maar niet bij welke subdiagnosegroep, dan zijn de kosten toegewezen aan zogeheten restgroepen binnen iedere hoofddiagnosegroep. Iedere hoofdgroep bevat nul, één, soms twee van deze restgroepen, waarvan de naam begint met 'overige ..'. Een voorbeeld is de diagnose glaucoom, waarvoor geen aparte subdiagnosegroep bestaat binnen de hoofddiagnosegroep Zenuwstelsel en zintuigen. De kosten voor glaucoom zijn dus opgenomen in de restgroep overige Oogziekten.


Infectieziekten en parasitaire ziekten

Diagnosegroep

Definitie volgens ICD-9

Infecties maag-darmkanaal

001-009

Tuberculose

010-018, 137

Meningitis

036, 047, 320-322

Sepsis

038

HIV/AIDS

042-044

Sexueel overdraagbare aandoeningen

054, 078, 090-099

Hepatitis

070, 573.1

Overige infectieziekten

019-035, 037, 039-041, 045-046, 048-053, 055-069, 071-077, 079-089, 100-136, 138-139, v01-v07, v73-v75

Naar boven


Nieuwvormingen (kanker)

Diagnosegroep

Definitie volgens ICD-9

Slokdarmkanker

150

Maagkanker

151

Dikke darm- en endeldarmkanker

153-154

Alvleesklierkanker

157

Longkanker

162

Borstkanker

174

Baarmoederhalskanker

180

Ovariumkanker

183

Prostaatkanker

185

Overige kankers geslachtsorganen

179, 181-182, 184, 186-187

Blaas- en nierkanker

188-189

Non-Hodgkin lymfomen

200, 202

Overige lymfe- en bloedkankers

201, 203-208

Overige kankers

140-149, 152, 155-156, 158-161, 163-172, 175-178, 190-199, 209, v76

Goedaardige nieuwvormingen geslachtsorganen

217-222

Overige goedaardige nieuwvormingen

173, 210-216, 223-239

Naar boven


Endocriene, voedings en stofwisselingsziekten

Diagnosegroep

Definitie volgens ICD-9

Diabetes mellitus inclusief diabetische complicaties

250, 357.2, 362.0, 581.8, 582.8, 583.8

Overige endocriene, voedings- en stofwisselingsziekten

240-249, 251-279, V77

Naar boven


Bloed en bloedvormende organen

Diagnosegroep

Definitie volgens ICD-9

Ziekten van bloed en bloedvormende organen

280-289, V78

Naar boven


Psychische stoornissen

Diagnosegroep

Definitie volgens ICD-9

Dementie

290, 311

Schizofrenie

295

Psychotische stoornissen exclusief schizofrenie

297-298

Depressie

296, 300.4

Angststoornissen

300.0, 300.10-300.15, 300.2-300.3, 300.5, 308, 309.8

Persoonlijkheidsstoornissen

300.16-300.19, 301

Alcohol en drugs

291-292, 303-305

Overige psychische stoornissen

293-294, 299, 300.6-300.9, 302, 306-307, 309.0-309.7, 309.9, 310, 312-316, v79

Verstandelijke handicap, inclusief syndroom van Down

317-319, 758.0

Naar boven


Zenuwstelsel en zintuigen

Diagnosegroep

Definitie volgens ICD-9

Ziekte van Parkinson

332

Multiple sclerose

340

Epilepsie

345

Cataract

366

Refractie- en accomodatiestoornissen

367

Blindheid en slechtziendheid

369

Ooglid aandoeningen

373-374

Overige oogziekten

360-361, 362.1-362.9, 363-365, 368, 370-372, 375-379

Gehoorstoornissen

380-389

Overige aandoeningen zenuwstelsel en zintuigen

323-331, 333-339, 341-344, 346-356, 357.0-357.1, 357.3-357.9, 358-359, v80

Naar boven


Hartvaatstelsel

Diagnosegroep

Definitie volgens ICD-9

Hypertensie

401-405

Coronaire hartziekten

410-414

Hartfalen

428-429

Overige aandoeningen hart, inclusief longcirculatie

390-398, 415-427

Beroerte

430-438

Perifeer arterieel vaatlijden, inclusief aneurisma aorta

440-448

Overige aandoeningen vaatstelsel

451-459

Naar boven


Ademhalingswegen

Diagnosegroep

Definitie volgens ICD-9

Bovenste luchtweginfecties

460-466

Longontsteking en influenza

480-487

Astma en COPD

490-496

Overige aandoeningen ademhalingswegen

467-479, 488-489, 497-519

Naar boven


Spijsverteringsstelsel

Diagnosegroep

Definitie volgens ICD-9

Tandcariës

521.0

Paradontale afwijkingen

523

Tandeloosheid

525.1

Orthodontie

V58.5

Overige gebitsafwijkingen

520, 521.1-521.9, 522, 524, 525.0, 525.2-525.9, 526-529

Zweren van maag en twaalfvingerige darm

531-534

Appendicitis

540-543

Buikbreuken

550-553

Inflammatoire darmziekten

555-556

Overige darmziekten

557-569

Chronische leverziekte en -cirrose

571

Overige leverziekten

570, 572, 573.0, 573.2-573.9

Gal(blaas)ziekten

574-576

Overige aandoeningen spijsverteringsstelsel

530, 535-537, 577-579

Naar boven


Urogenitaal systeem

Diagnosegroep

Definitie volgens ICD-9

Nefritis, nefrose

580, 581.0-581.7, 581.9, 582.0-582.7, 582.9, 583.0-583.7, 583.9, 584-589

Acute nier- en urineweginfecties

590, 595, 597, 599.0

Overige ziekten nieren en urinewegen

591-594, 596, 598, 599.1-599.9

Hyperplasie van de prostaat

600

Overige ziekten mannelijke geslachtsorganen

601-608

Ziekten van vrouwelijke geslachtsorganen

610-627, 629

Fertiliteitsproblemen bij de vrouw

628, v26

Naar boven


Zwangerschap, bevalling en kraambed

Diagnosegroep

Definitie volgens ICD-9

Zwangerschap

630-648, V22-V23

Bevalling

650-669, V20, V27, V30-V39

Kraambed

670-676, V24

Anticonceptie

v25

Naar boven


Huid en subcutis

Diagnosegroep

Definitie volgens ICD-9

Eczeem

691-692

Chronische huidzweren, inclusief decubitus en open been

707

Overige aandoeningen huid en subcutis

680-690, 693-706, 708-709

Naar boven


Bewegingsstelsel en bindweefsel

Diagnosegroep

Definitie volgens ICD-9

Reumatoïde artritis

714

Artrose

715

Dorsopathieën

720-724

Osteoporose

733.0-733.1

Dérangement interne van de knie

717

Weke delen reuma

725-729

Overige aandoeningen bewegingstelsel en bindweefsel

710-713, 716, 718-719, 730-732, 733.2-733.9, 734-739

Naar boven


Congenitale afwijkingen

Diagnosegroep

Definitie volgens ICD-9

Aangeboren afwijkingen centraal zenuwstelsel

740-742

Aangeboren afwijkingen hartvaatstelsel

745-747

Overige aangeboren afwijkingen, exclusief syndroom van Down.

743-744, 748-757, 758.1-758.9, 759, v28

Naar boven


Aandoeningen perinatale periode

Diagnosegroep

Definitie volgens ICD-9

Vroeggeboorten

765

Problemen bij op tijd geborenen

764, 768, 771

Overige aandoeningen perinatale periode

760-763, 766-767, 769-770, 772-779

Naar boven


Symptomen en onvolledig omschreven ziektebeelden

Diagnosegroep

Definitie volgens ICD-9

Symptomen en onvolledig omschreven ziektebeelden

780-799

Naar boven


Ongevalsletsel en vergiftigingen

Diagnosegroep

Definitie volgens ICD-9

Schedel-hersenletsel

800-801, 803-804, 850-854, 950-951

Fracturen bovenste extremiteiten

810-819

Heupfractuur

820-821

Overige fracturen onderste extremiteiten

822-829

Oppervlakkig letsel

910-924

Overige letsels

802, 805-809, 830-849, 855-909, 925-949, 952-999

Naar boven


Nog niet toegewezen of niet ziektegerelateerd

Diagnosegroep

Definitie volgens ICD-9

Nog niet toewijsbaar

V10-V19, V21, V40-V57, V58.0-V58.4, V58.6-V58.9, V63-V64, V66-V68, V71-V72, V81-V82

Niet ziektegerelateerd

V59-V62, V65, V70

Naar boven

Kosten van Ziekten in Nederland 2005
Toelichting

Welke bronnen zijn gebruikt?

De belangrijkste databronnen gebruikt binnen de studie zijn opgesomd in de tabel. De tabel is georganiseerd per sector. In de linker kolom staat de organisatie die de data verstrekt of gecompileerd heeft, in de rechterkolom wordt de specifieke bron (registratie, rapport) omschreven. Op deze website zijn gegevens voor twee peiljaren vermeld, 2003 en 2005. Gebruikte data hebben steeds betrekking op het beschreven peiljaar, tenzij expliciet een jaartal vermeld is bij de bron, dan is voor beide peiljaren dezelfde bron gebruikt. In dat geval zijn de leeftijds- en geslachtstoewijzing wel aangepast aan demografische veranderingen in de bevolking tussen 2003 en 2005. Sommige bronnen zijn zeer specifiek voor een sector, andere bevatten data die voor meerdere sectoren bruikbaar zijn.

Organisatie

Bron

Openbare gezondheidszorg en preventie

GGD

GGD benchmark begroting 2003

Erasmus MC

LETB/LEBA

CBS

Bevolkingsstatistiek

CBS

Gezondheidsstatistisch Bestand (GSB)

NVI

Jaarverslag

Eerstelijnszorg

CBS

POLS

SFK

SFK datawarehouse

NIVEL

LINH

Erasmus MC

Bevolkingsonderzoek naar borstkanker, opkomstcijfers

Erasmus MC

Bevolkingsonderzoek naar baarmoederhalskanker, opkomstcijfers

Branchevereniging tandtechniek

Productiecijfers tandtechniek 2003

NIVEL

Monitor verloskundige zorg en kraamzorg 2003

NIVEL

LiPZ

CBS

POLS

NIVEL

LINH

NIVEL

Landelijke enquête eerstelijnspsychologen 2002+2005

NMT

Peilstations

MO-groep

Madi-monitor 2003

Ziekenhuiszorg en medisch specialistische zorg

SFK

SFK datawarehouse

CBS

Gezondheidsstatistisch bestand (GSB)

Prismant

LAZR

Prismant

LMR

CBV

Revalidatie Nederland

Landelijke Databank Revalidatie 2003

NIVEL

LINH

Geestelijke gezondheidszorg en maatschappelijke opvang

CREMM 1999

GGZ-Nederland

Zorgis

Federatie opvang 

Figuren en cijfers 2002

Genees- en hulpmiddelen, lichaamsmaterialen

CBS

POLS

SFK

SFK datawarehouse

CVZ

GIP

CVZ

Databank hulpmiddelen

CBS

Gezondheidsstatistisch bestand (GSB)

Ambulancezorg en vervoer

RIVM

Steekproef Regionale Ambulance Voorzieningen

RIVM

Geconstrueerde dataset overig ziekenvervoer, diverse bronnen

Overige zorgaanbieders

CBS

POLS

CBS

Gezondheidsstatistisch bestand (GSB)

IGZ

Jaarrapport afbreking zwangerschap

Verpleging, verzorging en thuiszorg

CAK

Datawarehouse CAK intramurale/extramurale zorg

Arcares

LZV

NIVEL

Monitor verloskundige zorg en kraamzorg

CVZ

GIP

Gehandicaptenzorg

VGN

Databestand Vraaggestuurde Bekostiging 2003

CAK

Datawarehouse CAK intramurale/extramurale zorg

Welzijnszorg

CBS

Enquête welzijnswerk en kindercentra

Beheer

RIVM

Naar ratio kosten binnen financieringstype verdeeld

Kosten van Ziekten in Nederland 2005

Hoe hebben we de kosten verdeeld over ziekte, leeftijd en geslacht?

De Nederlandse Kosten van Ziektenstudie (KVZ) is een voorbeeld van een generieke kostenstudie waarin de totale kosten van de gezondheidszorg (bekend uit nationale statistieken van het CBS) via een top-down benadering worden verdeeld over dimensies. Daar worden er zes van onderscheiden. Drie dimensies van de zorgvraag: de hoofddiagnose van de behandelde aandoening, leeftijd en geslacht van de patiënt. Ook het zorgaanbod is in drie dimensies onderscheiden: de sector die de zorg aanbiedt, de zorgfunctie die bediend wordt en de wijze van financiering van de kosten. De laatste twee dimensies komen in de studie slechts summier aan bod. Voor een uitgebreide engelstalige beschrijving van de methodiek wordt verwezen naar een paper uit 2007 dat door de auteurs van de Nederlandse Kosten van Ziektenstudie voor de OECD is gemaakt. Dit paper maakt gebruik van voorbeelden uit de KVZ-2003 studie.

Draft guidlines Dutch Cost of Illness study

Appendix V Draft guidelines Dutch Cost Of Illness study

Een Nederlandstalige beschrijving van de methodiek is opgenomen in bijlage D van Kosten van Ziekten in Nederland 1999 - De zorgeuro ontrafeld.

Zelf tabellen en grafieken samenstellen

Hoe maak ik zelf een tabel of grafiek met kosten van ziekten data? (2007)

DimensiesUitkomstmaatPerspectiefWeergaveBeperkt selectieTabel of grafiekResultaten bewaren

Er moeten zes stappen doorlopen worden bij het zelf maken van een tabel of grafiek. Deze worden kort toegelicht. Klik hier om direct naar het maken van tabellen en grafieken te gaan.

1. Kies de dimensies van de tabel of grafiek

De kosten van ziekten cijfers zijn beschikbaar in zeven dimensies: ziektediagnose, leeftijd, geslacht, zorgsector, zorgfunctie, financieringsbron en periode waarop kosten betrekking hebben (2003 of 2005). Standaard worden alleen de kosten over de periode 2005 weergegeven. In deze eerste stap bepaal je welke dimensies je tegen elkaar uit wilt zetten. Selecteer er twee als je een kruistabel wilt maken, of een lijn of staafgrafiek. Selecteer er een als je een eenkoloms-tabel of een taartgrafiek wilt maken. Het is ook mogelijk helemaal geen dimensie te kiezen. In dat geval wordt een simpele tabel met slechts een getal getoond. Wordt de optie 'geslacht als extra dimensie' gekozen, dan worden de kosten ook nog naar geslacht opgesplitst. Dit is alleen beschikbaar als geslacht nog niet is gekozen als dimensie.

2. Kies een uitkomstmaat

De kostencijfers kunnen op twee manieren worden weergegeven. Enerzijds als totaalkosten voor heel Nederland in het peiljaar, met als eenheid miljoen euro. Anderzijds als kosten per hoofd van de bevolking, in euro. Het tweede bedrag is berekend door de totale kosten te delen door het aantal inwoners waar deze kosten betrekking op hebben. Hoeveel inwoners dit zijn hangt af van de gemaakte selectie voor leeftijd en geslacht (zie stap 5). Maak je geen keuze in deze stap, dan krijg je standaard de totaalkosten te zien.

3. Kies een perspectief op zorgkosten

Bij het afbakenen van zorgkosten kunnen verschillende keuzes worden gemaakt. Die keuze wordt in deze stap gemaakt. Maak je geen keuze, dan worden kosten getoond volgens het perspectief van de Zorgrekeningen van het CBS. Dit is een brede definitie van zorgkosten, waaronder bijvoorbeeld ook alternatieve geneeswijzen, bedrijfsgezondheidszorg en betaalde kinderopvang vallen. Het is ook mogelijk de kosten te tonen volgens het Budgettair Kader Zorg (BKZ) van het Ministerie van volksgezondheid, welzijn en sport. Dit perspectief beperkt zich tot de zorgkosten waarover het ministerie verantwoording moet afleggen tegenover het parlement. Voor zorgverzekeringen betekent dit bijvoorbeeld dat alle kosten voor de basisverzekering wel mee genomen worden, maar niet de kosten waarvoor mensen zich vrijwillig bijverzekeren of die ze zelf betalen. Denk bijvoorbeeld aan de uitgaven voor brillen en contactlenzen, of de tandartszorg voor volwassenen. Een derde perspectief, het System of Health Accounts van de OECD gaat uit van een internationaal vergelijkbare definitie van zorgkosten, en verschilt van beide voorgaande definities. Het belangrijkste verschil met de Zorgrekeningen en het BKZ is dat een groot deel van de Nederlandse AWBZ-zorg internationaal niet als zorgkosten worden gezien. Dit perspectief is uitsluitend in een engelstalige versie beschikbaar. Een uitgebreidere toelichting op de perspectieven is te vinden in de publicatie 'Kosten van ziekten in Nederland 2003' (Slobbe et al., 2006).

4. Kies een weergave van de kosten

Standaard worden kosten weergegeven in lopende prijzen, wat wil zeggen dat de kosten worden getoond zoals ze in het betreffende jaar zijn gemaakt. Bij het vergelijken van de uitgaven over twee verschillende perioden kan het handig zijn om kosten in constante prijzen weer te geven, waarbij kosten voor verschillende perioden op eenzelfde prijsniveau worden weergegeven, er is dan gecorrigeerd voor prijsontwikkeling. Op de website zijn constante prijzen voor het prijsniveau 2005 beschikbaar. Voor de periode 2005 is de lopende prijs gelijk aan de constante prijs. Voor de periode 2003 is het verschil tussen lopende prijzen en constante prijzen 2005 gelijk aan de prijsontwikkeling tussen 2003 en 2005. Deze prijsontwikkeling verschilt per sector, en is gebaseerd op door CBS gemaakte schattingen van de prijsontwikkeling.

Het CBS maakt deze schatting door eerst de volume ontwikkeling (gebaseerd op een groei of daling van de hoeveelheid geleverde zorg: aantal bezoeken aan huisarts, aantal ligdagen) voor een sector in kaart te brengen, en daarna de prijsontwikkeling af te leiden als het verschil tussen de totale kosten-ontwikkeling en de volume-ontwikkeling. De aldus berekende prijsontwikkeling staat dus los van de consumentenprijsontwikkeling, of de prijsontwikkeling van specifieke zorgproducten die niet direct als volume-maat gebruikt worden. Door deze methodiek komen de effecten van bijvoorbeeld substitutie van dure merkgeneesmiddelen door equivalente maar goedkope generieke middelen in de prijsontwikkeling terecht, evenals de kosten-effecten van substitutie van hoger gekwalificeerd personeel door lager gekwalificeerd personeel. In een aantal sectoren neemt het CBS dan ook prijsdalingen waarbij substitutie-effecten in het algemeen de belangrijkste verklaring vormen.

5. Beperk desgewenst de selectie

Op elk van de dimesies kan desnoods nog een selectie-filter worden toegepast, middels keuzelijstjes.

Periode

Het filter periode staat standaard op het meest recente peiljaar (2005) ingesteld. Het is ook mogelijk kosten voor een eerder peiljaar (2003) weer te geven. Is periode geselecteerd als rij of kolomdimensie in de tabel, dan kun je ook kiezen voor 'alles' en worden kosten over 2003 en 2005 weergegeven, zodat vergelijking mogelijk is.

Diagnose

Er kan trapsgewijs worden gefilterd op diagnose. Kies eerst een hoofdgroep van diagnose, en daarna indien gewenst een ziekte binnen deze hoofdgroep. Kiezen voor 'alles' heft het eerder gemaakte filter weer op.

Sector

Er kan trapsgewijs worden gefilterd op sector. Kies eerst een hoofdsector, en daarna indien gewenst een subsector. Niet alle sectoren kennen subsectoren. Kiezen voor 'alles' heft het eerder gemaakte filter weer op.

Leeftijd

Kies eerst voor een gewenste opdeling van leeftijd (in 2, 4, 8 of 21 klassen). Beperk daarna desgewenst de selectie tot een klasse binnen de geselecteerde opdeling. Kiezen voor 'alles' heft het eerder gemaakte filter weer op.

Geslacht

Filter desgewenst voor mannen en vrouwen apart. Kiezen voor 'alles' heft het eerder gemaakte filter weer op.

Zorgfunctie

Filter desgwenst voor een van de drie onderscheiden zorgfuncties. Kiezen voor 'alles' heft het eerder gemaakte filter weer op.

Financiering

Filter desgewenst voor een van de vier onderscheiden financieringsvormen. Kiezen voor 'alles' heft het eerder gemaakte filter weer op.

6. Kies of je een tabel of grafiek wilt maken

Bepaal door middel van keuze-knoppen of je een tabel of grafiek wilt maken. De knop selectie opheffen is voor het resetten van onder stap 1 t/m 5 gemaakte keuzes, en zet deze terug naar de beginwaarden. Een reeds gemaakte tabel of grafiek wordt gewist. De vormgeving van de tabel kan niet worden gewijzigd, die van de grafiek wel. Nadat een grafiek wordt gemaakt verschijnen een aantal extra keuzemogelijkheden. Zo kunnen series uit een grafiek worden weggelaten en het kleurenpalet of het grafisch formaat worden gewijzigd. Standaard worden alle series getoond, en is het grafisch standaard-formaat .png. Wijzigingen van de grafische weergave moeten worden bevestigd met de knop 'bijwerken'.

Hoe kan ik mijn resultaten bewaren?

Grafieken kunnen worden bewaard door met de muis boven de figuur te gaan staan en op de rechtermuisknop te klikken. De opslag mogelijkheid is een optie in het keuzemenu. Tabellen en de gegevens uit de grafieken kunnen worden opgeslagen via enkele extra keuzemogelijkheden die na het maken van de grafiek of tabel onderaan de figuur worden getoond. De gegevens worden opgeslagen in .csv formaat, dat in vrijwel alle spreadsheet-programma's verder kan worden bewerkt.

Maak zelf een tabel of grafiek.

Bronnen en Literatuur

Literatuur

Begrippen en afkortingen

Afkortingen

Arcares
Landelijke branchevereniging van verpleging en verzorging
URL: www.arcares.nl.
CAK
Centraal Administratie Kantoor
CBS
Centraal Bureau voor de Statistiek
URL: http://www.cbs.nl
CBV
Stichting Centraal Beheer Verrichtingenbestand
URL: http://www.cbv.nl
CPA
Centrale post ambulancevervoer
Meldingspost op basis van de Wet Ambulancevervoer belast met de regeling en coördinatie van het ambulancevervoer in een bepaalde regio.
CREMM
Centrale registratie Medische kindertehuizen en Medische kinderdagverblijven
CVZ
College voor zorgverzekeringen (voorheen: Ziekenfondsraad)
Zelfstandig bestuursorgaan op het terrein van de Ziekenfondswet en de AWBZ. Het College informeert het ministerie van VWS met het oog op de beleidsontwikkelingen in de zorgverzekeringen en helpt vervolgens dat beleid uit te voeren door de verzekeraars en zorgkantoren te stimuleren bij de juiste uitvoering van die wetten. URL: http://www.cvz.nl
GGD
Gemeentelijke/gewestelijke gezondheidsdienst
GIP
Geneesmiddelen Informatie Project
IGZ
Inspectie voor de Gezondheidszorg
URL: http://www.igz.nl
LAZR
Landelijke Ambulante Zorgregistratie
LEBA
Landelijke Evaluatie van het Bevolkingsonderzoek naar Baarmoederhalskanker
LETB
Landelijk Evaluatie Team voor bevolkingsonderzoek naar Borstkanker
LINH
Landelijk informatienetwerk huisartsenzorg
URL: http://www.linh.nl
LiPZ
Landelijke informatievoorziening Paramedische Zorg
LMR
Landelijke Medische Registratie (Prismant)
LZV
Landelijke Zorgregistratie Verpleeghuizen
NIVEL
Nederlands Instituut voor Onderzoek van de Gezondheidszorg
URL: http://www.nivel.nl
NMT
Nederlandse Maatschappij tot bevordering der Tandheelkunde
NVI
Nederlands Vaccin Instituut
URL: www.nvi-vaccin.nl/
OECD
Organisation for Economic Co-operation and Development
Organisatie voor economische samenwerking en ontwikkeling. URL ledenlijst van de OECD: http://www.oecd.org/document/58/0,3746,en_2649_201185_1889402_1_1_1_1,00.html
POLS
Permanent Onderzoek Leefsituatie (CBS)
RIVM
Rijksinstituut voor Volksgezondheid en Milieu
Bilthoven. Email: info@rivm.nl, URL: http://www.rivm.nl
SFK
Stichting Farmaceutische Kentallen
VGN
Vereniging gehandicaptenzorg Nederland